BG 1.2 — Arjuna Vishada Yoga
BG 1.2📚 Go to Chapter 1
सञ्जयउवाच|दृष्ट्वातुपाण्डवानीकंव्यूढंदुर्योधनस्तदा|आचार्यमुपसंगम्यराजावचनमब्रवीत्||१-२||
sañjaya uvāca . dṛṣṭvā tu pāṇḍavānīkaṃ vyūḍhaṃ duryodhanastadā . ācāryamupasaṃgamya rājā vacanamabravīt ||1-2||
सञ्जय: Sanjaya | उवाच: said | दृष्ट्वा: having seen | तु: indeed | पाण्डवानीकं: the army of the Pandavas | व्यूढं: drawn up in battle array | दुर्योधनस्तदा: Duryodhana | आचार्यमुपसंगम्य: having approached the teacher | राजा: the king | वचनमब्रवीत्: speech
GitaCentral Nederlands
Sanjaya zei — Nadat hij het leger van de Pandava's in gevechtsformatie had zien opstellen, naderde koning Duryodhana zijn leraar (Drona) en sprak deze woorden.
🙋 Nederlands Commentary
1.2 Sanjaya zei: Nadat hij het leger van de Pandava's in slagorde had zien opgesteld, naderde koning Duryodhana zijn leraar (Drona) en sprak deze woorden. Woordbetekenissen: दृष्ट्वा (drishtva) betekent «gezien hebbende», तु (tu) «inderdaad», पाण्डवानीकम् (pandavanikam) «het leger van de Pandava's», व्यूढम् (vyudham) «in slagorde opgesteld», दुर्योधनः (duryodhanah) «Duryodhana», तदा (tada) «toen», आचार्यम् (acharyam) «de leraar», उपसङ्गम्य (upasangamya) «naderende», राजा (raja) «de koning», वचनम् (vachanam) «woord» en अब्रवीत् (abravit) «zei».
English
Swami Gambirananda
Swami Adidevananda
Hindi
Swami Ramsukhdas
Sanskrit
Sri Ramanuja
Sri Madhavacharya
Sri Anandgiri
Sri Jayatirtha
Sri Abhinav Gupta
Sri Madhusudan Saraswati
Sri Sridhara Swami
Sri Dhanpati
Vedantadeshikacharya Venkatanatha
Sri Purushottamji
Sri Neelkanth
Sri Vallabhacharya
Detailed Commentary
Sanjaya zei – Toen, ziende het Pandava-leger opgesteld in de Vajra-formatie, naderde koning Duryodhana Dronacharya en sprak deze woorden. Commentaar: 'Toen' – Sanjaya gebruikt hier het woord 'tadā' om te verwijzen naar het moment waarop beide legers hun posities voor de strijd hadden ingenomen. De reden is dat Dhritarashtra's vraag – 'Wat deden mijn zonen en de zonen van Pandu, die oorlog verlangden?' – enkel gesteld is om over dit onderwerp te horen. 'Tu' – Dhritarashtra heeft gevraagd naar zijn eigen zonen en de zonen van Pandu. Om daarom eerst over Dhritarashtra's zonen te spreken, gebruikt Sanjaya hier het woord 'tu'. 'Ziende het Pandava-leger opgesteld' – De betekenis van het zien van het Pandava-leger, opgesteld in de Vajra-formatie, is dat het Pandava-leger op een zeer ordelijke wijze en met een enkel sentiment stond, wat betekent dat er geen dualiteit van sentiment onder hun soldaten was, geen tweedracht. Aan hun zijde waren Dharma en de Heer Sri Krishna. Hij aan wiens zijde Dharma en de Heer zijn, heeft een grote uitwerking op anderen. Daarom had het Pandava-leger, ondanks dat het kleiner in aantal was, een uitstraling (invloed) en had het een grote impact op anderen. Zo had het Pandava-leger ook een grote impact op Duryodhana, waardoor hij naar Dronacharya gaat en een ernstige, beleidsgeladen uitspraak doet. 'Koning Duryodhana' – De betekenis van het noemen van Duryodhana als 'koning' is dat Dhritarashtra's grootste gevoel van persoonlijke gehechtheid (moha) jegens Duryodhana was. Vanuit het perspectief van de traditie was de kroonprins ook Duryodhana. Duryodhana alleen hield toezicht op alle aangelegenheden van het koninkrijk. Dhritarashtra was enkel koning in naam. Duryodhana was ook de voornaamste oorzaak dat de oorlog plaatsvond. Om al deze redenen heeft Sanjaya het woord 'koning' voor Duryodhana gebruikt. 'De Acharya genaderd hebbend' – In het gaan naar Dronacharya zijn drie hoofdredenen duidelijk: (1) Om zijn eigen zelfzuchtige belang te vervullen, namelijk om naar Dronacharya te gaan om haat jegens de Pandava's in hem op te wekken en hem speciaal voor zijn eigen zijde veilig te stellen. (2) Het was ook gepast om naar Dronacharya te gaan uit respect voor hem als de Guru in wereldse omgang. (3) Het is zeer noodzakelijk dat de hoofdpersoon op zijn juiste plaats in het leger staat, anders wordt de opstelling verstoord. Daarom was het inderdaad gepast dat Duryodhana zelf naar Dronacharya ging. Hier kan een twijfel opkomen: Duryodhana had naar Grootvader Bhishma moeten gaan, die de bevelhebber was. Maar waarom ging Duryodhana alleen naar Guru Dronacharya? De oplossing is deze: Zowel Drona als Bhishma waren onpartijdig, wat betekent dat zij de zijde van zowel de Kaurava's als de Pandava's hielden. Van die twee moest Dronacharya meer tevredengesteld worden; omdat Duryodhana wel genegenheid voor Dronacharya als een Guru had, maar geen familiale genegenheid voor hem; en Dronacharya had een speciale genade voor Arjuna. Daarom was het, om hem tevreden te stellen, gepast voor Duryodhana om naar hem toe te gaan. In wereldse omgang ziet men ook dat om een zelfzuchtig belang te vervullen bij iemand met wie men geen genegenheid heeft, een persoon hem tevredenstelt door hem groter respect te tonen. Duryodhana had dit geloof in zijn geest dat Bhishma onze grootvader is; daarom, zelfs als ik niet naar hem toe ga, maakt het niet uit. Als hij ontevreden wordt omdat ik niet kom, zal ik hem op de een of andere manier tevredenstellen. De reden is dat Duryodhana een familierelatie en genegenheid met Grootvader Bhishma had, en Bhishma ook een familierelatie en genegenheid voor hem had. Daarom blies Bhishma krachtig op zijn schelp om Duryodhana aan te moedigen (1.12). 'Sprak woorden' – Hier zou 'hij sprak' voldoende zijn geweest; omdat het woord 'woorden' binnen de handeling van 'hij sprak' is inbegrepen, wat betekent dat als Duryodhana spreekt, hij slechts woorden zal spreken. Daarom was het woord 'woorden' hier niet nodig. Toch is het doel van het geven van het woord 'woorden' dat Duryodhana ernstige, beleidsgeladen woorden spreekt, zodat haat jegens de Pandava's ontstaat in de geest van Dronacharya, en hij, aan onze zijde blijvend, goed vecht. Zodat onze overwinning wordt behaald, ons zelfzuchtig belang wordt vervuld. Verband – Welke woorden Duryodhana sprak na het naderen van Dronacharya wordt verteld in het volgende vers.